Software op abon­ne­ments­basis neemt momenteel een enorme vlucht en onder­linge inte­gratie neemt werkbare vormen aan. Bij het oprichten van een nieuw bedrijf is het een reële moge­lijk­heid geworden om dit zonder eigen servers te doen. Sterker nog, ik denk dat er in veel gevallen helemaal geen server meer nodig is. Klinkt radicaal? Misschien wel, maar dat maakt het niet minder waar.

Het klinkt als een cliché verge­lij­king, toch pak ik hem weer op: stroom. Stroom is iets wat je afneemt en betaald naar gebruik. Van stroom zijn we behoor­lijk afhan­ke­lijk en als een graaf­ma­chine de kabels kapot harkt doet niets het meer. Welk bedrijf heeft nog een eigen generator om stroom op te wekken? Juist, geen enkel bedrijf meer op een paar zeer uitzon­der­lijke gevallen na zoals een zieken­huis. Gelukkig vertrouwen we op stroom en wordt er keihard aan gewerkt om je weer van stroom te voorzien. Zo is het ook met grote bedrijf die software aanbieden over het internet. Er kan altijd een ramp gebeuren, maar dit niet oplossen hoort niet bij de moge­lijk­heden.

Die generator om stroom op te wekken kun je verge­lijken met een server. Ergens moet er nog wel een generator zijn om stroom op te wekken, maar je ziet hem niet meer. Het is voor het gebruik niet meer relevant geworden.

Terug naar de server. En de cloud. Cloud computing is helemaal niet relevant voor een afnemer van een software abon­ne­ment. Het is hooguit inte­res­sant voor het bedrijf dat de software maakt. Dus vergeet cloud computing.

Vanuit het perspec­tief van de software leve­ran­cier is het instal­leren van een server iets wat snel zal verdwijnen. Zeker in een tijd van cloud computing zijn alle servers sowieso al virtueel. En virtuele servers instal­leer je niet, het zijn gewoon files die door een stukje techniek zich voordoen als een server. Met een serve­ri­mage factory houd je virtuele servers up-to-date. AOL heeft een onbemand data­center welke een virtuele server binnen 60 seconde produc­tieklaar kan maken. Dat is iets anders dan een server bestellen en met de hand instal­leren.

Maar zelfs als soft­wa­re­maker wil je helemaal niet meer bezig zijn met een server. Je wilt code deployen op een platform. Dat het platform op servers draait zie je als ontwik­ke­laar niet. Het beheren van dit platform gaat gewoon met een mana­ge­ment console die func­ti­o­neert in een browser. Ook de database kan gewoon draaien op een platform en geldt hetzelfde voor.

Net als de generator is een server een generiek product geworden waar je eigenlijk niet meer indi­vi­dueel naar hoeft te kijken. Een server is nog steeds een complex stukje ijzer, maar het beheer is groten­deels versim­peld door verre­gaande auto­ma­ti­se­ring. Auto­ma­ti­se­ring bestaat uit laagjes en hoe beter de lagen op laag niveau geau­to­ma­ti­seerd zijn hoe minder er naar omgekeken hoeft te worden.

Tradi­ti­o­neel doet een server van alles. Het hosten van files, aannemen van connec­ties en het uitvoeren van code. Waar het in een virtueel scenario om draait is dat een server CPU kracht levert om code uit te voeren met vluchtig geheugen (RAM) . De speci­fieke files van bijvoor­beeld de appli­catie staan niet op de server maar op virtuele harde schijven (niet vluchtig geheugen). Wil je meer kracht? Dan schakel je virtuele servers bij. Gaat er één stuk? Dan switch een deel van de verwer­kings­kracht naar andere virtuele servers.

In de defi­ni­ties van cloud computing wordt vaak het piramide model gebruikt van SaaS, Paas en Iaas (afkor­tingen voor Software as a Service, Platform as a service en Infra­struc­ture as a service). Als auto­ma­ti­se­ring moder­ni­seert zal de IaaS laag steeds minder zichtbaar worden en op termijn misschien zelfs verdwijnen. Je wilt geen servers, je wilt software!

Virtuele servers draaien op fysieke servers. Dat is onver­mij­de­lijk. De titel van dit artikel zou dus eigenlijk moeten zijn; “De server verdwijnt uit het zicht…..”, maar dat klinkt al veel minder radicaal.

-    Auteur: Henri Koppen

Pin It on Pinterest

Share This